Het ging niet goed met mijn dochter. We hadden daarom hulp in geroepen. Suïcidale gedachten speelde haar parten. Ik zag dat het ernstig was en dat ze echt hulp nodig had. We hebben de dienstdoende psychiater gebeld. Na overleg mocht ze extra medicatie. Ze is toen bij mij gebleven en werd langzaam wat rustiger. Een … Lees verder

‘Er wordt door hulpverleners veel te weinig gekeken naar naasten. Als de familie al in een vroeg stadium handvatten zou krijgen om met de situatie om te gaan, kan dat helend zijn voor naasten en familie. Met de Familie Betrokkenen Raad proberen we in de cursus ‘Samen sterk door triadisch werken’ familie en naasten handvatten … Lees verder

‘Misschien kan er in de zorg meer aandacht zijn voor levend verlies van de naasten. Je neemt per periode afscheid van iemand. Dat besef is ook bij mij pas later gekomen. Ik had ook nog nooit van de term levend verlies gehoord, totdat ik in contact kwam met Manu Keirse een Vlaamse rouwspecialist en klinisch … Lees verder

‘Als naasten informatie aanleveren, neem dat dan als professional ook serieus. Dat is zo belangrijk. Hierdoor weet je wat er speelt in iemands leven. Zo was bijvoorbeeld douchen in de ochtend altijd in de kleinschalige woonvoorziening waar Trudie woonde altijd een gedoe. Ik stelde daarom voor om haar te laten douchen door de avonddienst. Trudie … Lees verder

‘Ik heb mijn draai in het mantelzorgen gevonden, vraag hulp waar het (in toenemende mate) nodig is. Ik ben me bewust van mijn rol en de valkuilen. Maar écht om hulp vragen is nog altijd moeilijk.’

‘Dat heeft te maken met de sector waar ik werk, maar ook omdat ik open communiceer over mijn mantelzorgschap. Hierdoor krijgt de ander een goed beeld van mijn behoeften en die kan daarop reageren.’ ‘Soms zijn mensen gewoon nieuwsgierig, maar vaak oprecht geïnteresseerd. Verwijzing naar professionele hulp voor mezelf is ook oog voor mij hebben. … Lees verder

‘Nee, dat heb ik echt gemist. Ik was het gezonde kind, dus ze dachten: met haar is niks aan de hand. Maar ik voelde me ontzettend eenzaam.’ ‘Op school was er ook geen begrip. Ik had moeite met huiswerk, maar niemand wist wat er thuis speelde. Ik was ook zo gewend om mijzelf op de … Lees verder

‘Nu is er meer oog voor, maar dat is ook omdat ik het ben gaan delen. Vroeger noemde ik het niet zo. Ik dacht gewoon: volhouden, schouders eronder, niet piepen. Nu durf ik makkelijker te zeggen hoe het echt met me gaat. Ik ben er ook over gaan spreken. Ik heb zelfs een boek geschreven. … Lees verder

‘Er is niet vanzelf oog voor mij. Ik heb mezelf aangemeld bij het plaatselijke Steunpunt Mantelzorg. Daar vond ik wel informatie, bijvoorbeeld over dagbesteding of vervoer, in een nieuwsbrief. Maar ik merkte ook: ik wist veel, maar kennis is niet hetzelfde als het zelf doorleven. En soms dacht ik: waarom zie ik pas hoe moeilijk … Lees verder

‘In mijn jeugd was er vooral hulp voor mijn moeder. En als mensen wisten van mijn broertje of zusje, dan vroegen ze naar hen. Maar naar mij? Bijna niemand vroeg hoe het met míj ging. Ik werd gezien als de sterke. Als degene die het toch wel redt. Alleen één Franse docente op de middelbare … Lees verder